Een business-first contentstrategie start met het scherp krijgen van je commerciële hoofddoelen, zoals marktaandeel in een bepaalde niche, groei in een specifieke regio of versnelling in een bepaald segment van je portfolio.
Op basis daarvan formuleer je concrete marketingdoelstellingen die je ook in cijfers durft te gieten, bijvoorbeeld meer gekwalificeerde gesprekken in een bepaalde industrie of meer opportunities rond een specifieke oplossing. Vervolgens definieer je de sleutelthema’s die rechtstreeks bijdragen aan die doelen, zodat content geen ‘nice to have’ is maar een instrument om die thema’s in de markt te zetten.
Pas wanneer je weet wat je wil bereiken en met wie, kijk je naar kanalen als LinkedIn, e-mail, events of partners en kies je bewust waar je wil winnen en waar je enkel aanwezig moet zijn. In plaats van per kanaal te plannen, werk je vanuit campagnes en programma’s die over meerdere touchpoints lopen en inhoudelijk samenhangen. Je maakt ook afspraken rond hoe marketingresultaten teruggekoppeld worden naar sales en management, zodat iedereen de link ziet tussen content en pipeline.
Door rapportage en dashboards niet op likes maar op beïnvloede deals en betrokken accounts te richten, hou je het gesprek automatisch op businessniveau. Zo verschuift de reflex van “we moeten iets posten” naar “we willen een specifieke beweging in de markt realiseren”.