Frequently asked questions
Frequently asked questions
Content creation
Content helpt een buying committee vooral door complexe beslissingen behapbaar te maken voor verschillende profielen. In de praktijk betekent dit dat je niet één stuk content maakt voor “de klant”, maar varianten en invalshoeken voor IT, finance, operations, business en C-level.
Je begint bij de kernvraag per stakeholder: wat staat er voor hen op het spel, welke risico’s zien ze, en waar hebben ze bewijs of geruststelling nodig. Op basis daarvan ontwikkel je content die telkens dezelfde kernboodschap draagt, maar afgestemd is op hun taalniveau en prioriteiten.
Handige vormen zijn korte one-pagers, explainer-video’s, ROI-samenvattingen en framings van risico versus opportuniteit die intern makkelijk door te sturen zijn. Je kunt ook content voorzien die expliciet uitnodigt tot interne dialoog, zoals checklists of vraagstellingen waarmee een team een beslissing kan voorbereiden.
Door in je strategie rekening te houden met de momenten waarop nieuwe stakeholders instappen, zorg je dat er altijd iets is dat hen snel up-to-speed brengt. Het is ook slim om content te ontwerpen die door je champion gebruikt kan worden om intern te verkopen, zodat die persoon niet alles zelf hoeft uit te leggen.
Zo wordt content een navigatietool doorheen het buying committee, in plaats van enkel een awarenessinstrument.
Demand generation
Prioriteit voor een doelgroep of segment bepaal je door marktpotentieel te combineren met commerciële haalbaarheid, niet met marktvolume alleen.
Je bepaalt de prioriteit van doelgroepen, segmenten of markten door marktpotentieel te combineren met commerciële haalbaarheid. Een segment dat op papier groot is, is daarmee niet automatisch het meest interessante om op te focussen.
Concreet kijk je naar een combinatie van factoren: dealwaarde, bestaande expertise, win-rate, salescyclus, concurrentie en het aantal relevante accounts binnen het segment. Geen van die factoren staat op zich centraal; het gaat om de combinatie ervan.
Marktvolume alleen zegt weinig over hoe aantrekkelijk een segment werkelijk is. Een kleiner segment waarin een organisatie een kortere salescyclus heeft, sterker scoort op win-rate of minder concurrentie ondervindt, kan commercieel interessanter zijn dan een groter segment waar dat niet het geval is.
Segmenten waarin een organisatie aantoonbaar een sterke value proposition heeft, verdienen daarom doorgaans voorrang. De vraag is niet alleen hoe groot een markt is, maar of de organisatie er ook echt goed in staat om te winnen.
Deze afweging speelt bijvoorbeeld een rol bij de opbouw van een accountgerichte aanpak binnen Account Based Marketing, waarbij prioritering van accounts en segmenten mee bepaalt waar demand generation en content het meeste rendement kunnen opleveren.
Binnen een ABM-programma worden alle kanalen rond dezelfde accounts, thema’s en buying committee georganiseerd, elk met een eigen functie in hetzelfde verhaal.
We organiseren deze kanalen rond dezelfde accounts, thema’s en buying committee. Elk kanaal krijgt binnen het ABM-programma een eigen functie, maar ze vertrekken altijd vanuit dezelfde accountstrategie.
Advertising creëert herkenning bij de doelgroep. Content bouwt expertise op en toont dat je de problematiek van het account begrijpt. E-mail verdiept relevante onderwerpen richting specifieke personen binnen de buying committee. Sales activeert wanneer er concrete aanleiding is, bijvoorbeeld engagement of een signaal dat een account klaar is voor een gesprek.
Deze kanalen werken dus niet los van elkaar naast elkaar, maar vervullen elk een andere rol in dezelfde commerciële beweging. Advertising, content en e-mail bouwen relevantie op, sales bouwt daarop verder wanneer het moment zich aandient.
ABM werkt het sterkst wanneer een prospect over meerdere contactmomenten heen één coherent verhaal ervaart, ongeacht via welk kanaal die contactmomenten plaatsvinden. De kanaalkeuze is dus geen doel op zich, maar een middel om diezelfde boodschap consistent bij de juiste stakeholders te brengen.
Bij een kleine total addressable market wordt precisie belangrijker dan volume, en is een ABM-aanpak doorgaans effectiever dan brede leadgeneratie.
Bij een kleine total addressable market wordt precisie belangrijker dan volume. In plaats van breed leads te genereren, identificeer je de relevante accounts en hun buying committees, en bouw je hier een Account Based Marketing-aanpak rond.
Met een beperkt aantal accounts ligt een intensievere 1:1- of 1:few-aanpak vaak meer voor de hand dan 1:many. Hoe kleiner de TAM en hoe groter het omzetpotentieel of de complexiteit van de DMU per account, hoe meer het loont om per account of kleine accountcluster te personaliseren in plaats van te schalen naar een brede, generieke aanpak.
Content, media en salesactivatie worden daarbij nauw op elkaar afgestemd, zodat elke inspanning gericht is op de accounts en beslissers die er echt toe doen.
Brede lead-generationcampagnes zijn bij een kleine TAM vaak inefficiënt. De meeste gegenereerde leads kunnen commercieel nooit relevant worden, waardoor budget en capaciteit verloren gaan aan contacten buiten de doelgroep. Een gerichte demand generation-aanpak zorgt ervoor dat marketinginspanningen aansluiten bij het beperkte aantal accounts dat écht relevant is.